221 De eerste onderzoekscyclus: het redeneermodel wat het kost alles zullen opvolgen om hun doel te bereiken en voor het vaderland te vechten. Zoals in het fragment staat, twijfelen Henri en de nepleidster geen moment om iemand te vermoorden wanneer zij het plan in de weg staat. Dit soort mensen zaten er destijds ook zeker tussen, maar wat uit de bronnen blijkt zaten er ook veel mensen tussen die niet zomaar deze keuze hadden gemaakt omdat de vrouw die zij hadden vermoord in die zin niet per se een landverrader was.’ (Leerling 11) Deze leerling benoemt expliciet dat Hermans in het fragment een bepaald beeld van het verzet wil construeren (wat getuigt van een interpreterende leeshouding), maar voegt daaraan wel toe dat dat beeld niet correct is, wat weer past bij een herkennende leeshouding. In deze opdracht laten 14 van de 32 leerlingen continu een herkennende leeshouding zien. Ze beschouwen de roman als een directe weergave van de historische werkelijkheid en ze lezen de bronnen ook op die manier. Dit leidt ertoe dat ze vooral nadenken over de vraag wat wel en wat niet waar is. Een voorbeeld van zo’n antwoord bij bron 1 is: ‘Ik zie een meisje dat zonder twijfel iemand neerschiet en dan gelijk weggaat. De boodschap die ik hieruit haal, is dat het volgens deze bron werkelijk zo gemakkelijk en ongepland ging. Ze schiet een persoon neer alsof het niks is en fietst dan weg alsof er niks aan de hand is.’ (Leerling 8) Een voorbeeld bij bron 2: ‘De boodschap die ik hieruit haal, is dat Koopman op de verkeerde tijd op de verkeerde plek was en dat als een anders NSB’er dan binnen zou zijn gekomen dat ze die vermoord zouden hebben.’ (Leerling 7) Een voorbeeld bij bron 3: ‘Ik zie een krantenartikel uit Het Parool over het belang van verzetsstrijders. De boodschap die ik hieruit haal, is mensen die uit liefde voor het vaderland misdaden begaan, gezien moeten worden als helden. Het gaat hier wel om nuttige daden zoals het uit de weg ruimen van ‘echte’ gevaarlijke landverraders en niet de buurman die toevallig NSB’er is.’ (Leerling 29) De resultaten van deze opdracht laten zien dat leerlingen vaak de herkennende leeshouding hanteren. Het lijkt echter ook waarschijnlijk dat de opdracht deze
RkJQdWJsaXNoZXIy MTk4NDMw