218 Hoofdstuk 9 als een representatie van de werkelijkheid. Veel leerlingen halen uit het fragment dat het meisje door te huilen na een gepleegde moord laat zien dat zij niet koelbloedig is, of iets van deze strekking. Een ‘leeswijzer’ bij deze bron zou leerlingen kunnen helpen om een andere denkrichting te kiezen. Het artikel uit Het Parool, bron 2, interpreteren de leerlingen goed. Vrijwel alle leerlingen zien dat er in het artikel kanttekeningen worden geplaatst bij moord, maar dat er wel staat dat het soms nodig is. Uit bron 3, het videofragment over de moord op de NSB’er, halen veel leerlingen de boodschap dat er inderdaad koelbloedig gemoord werd. Ze halen er niet de boodschap van de historicus uit dat we de moord en de reactie erop in de historische context moeten plaatsen en dat in oorlogstijd een ander perspectief bestond op een dergelijke moord dan nu, zoveel jaar na de oorlog. Na het analyseren en interpreteren van de bronnen en het bijstellen van hun eerste antwoord hebben de leerlingen de inzichten verwoord die ze met de redeneeropdracht hebben verworven. De door leerling 1 en leerling 2 geformuleerde inzichten zijn weergegeven in Tabel 9.4. Tabel 9.4 Inzichten van leerling 1 en leerling 2 bij de opdracht uit les 3 in cyclus 1 van het ontwerponderzoek Leerling Inzicht 1 Ik heb geleerd dat het doel van de auteur is, om te laten zien dat mensen in het verzet mensen doden zonder dat er veel emotie of gedachte bij komt kijken, maar in de bronnen wordt verteld dat een moord wel vaak voorbedacht is en doelgericht. Er wordt ook gezegd in de bronnen dat de verzetsbeweging het onredelijk vond dat mensen iemand anders louter voor persoonlijke haat zouden doden. Daarom komen de bronnen en het verhaal van het boek niet goed met elkaar overeen, want volgens de auteur van het boek doden de mensen in het verzet zomaar anderen. Volgens de bronnen is dit dus niet zo. Ik ben er dus achter gekomen dat er niet zomaar gedood kon worden door mensen in het verzet, wat wel in het boek verteld wordt. Daarom weet ik nu meer over de hoe de verzetsbeweging te werk ging in de Tweede Wereldoorlog. 2 Vanuit historisch perspectief blijkt dus dat je best makkelijk mensen kon vermoorden als je onderdeel was van het verzet. De auteur heeft Osewoudt beschreven als een persoon die alles zou doen voor Dorbeck, omdat hij net zoals Dorbeck wil zijn; iemand die vecht voor zijn vaderland. Osewoudt heeft het in zijn hoofd zitten dat hij onderdeel is van het verzet, dus daarom denkt hij dat hij zomaar deze vrouw mag vermoorden. Het is tenslotte zo dat verzetsleden wel hier en daar een moord mogen plegen als dat helpt om het land te bevrijden. Osewoudt vindt het dus helemaal niet erg om deze jeugdleidster te vermoorden, omdat hij weet (of hoopt) dat hij daardoor als held wordt gezien wanneer de oorlog is afgelopen. In de opdracht stond dat de leerlingen iets moesten zeggen over wat ‘het doel van de auteur’ is. Daardoor worden zij uitgedaagd om tot het inzicht te komen dat een schrijver in een tekst bewuste keuzes maakt, die kunnen afwijken van hoe dingen in werkelijkheid
RkJQdWJsaXNoZXIy MTk4NDMw