Ridderprint Handleiding

02 20 Over het algemeen wordt Microsoft Word gebruikt voor het opmaken van het binnenwerk, omdat dit programma standaard op de meeste computers aanwezig is. Voor een professionelere opmaak kun je ook Adobe InDesign gebruiken. Hieronder volgt een uitleg over het gereedmaken van je document in beide programma’s. Opmaken van het binnenwerk Aandachtspunten • Witmarges: De witmarges bepalen de breedte en hoogte van het tekstblok, exclusief kop- en voetteksten die hierbuiten kunnen vallen. • Aanbevolen witmarge: Voor alle zijden van een pagina (boven, onder, links en rechts) is 2 cm witmarge geadviseerd. • Kop- en voetteksten: Controleer of de kop- en voetteksten op elke pagina op dezelfde hoogte staan. • Paginanummers: Plaats paginanummers op even pagina’s links en op oneven pagina’s rechts. • Titels en hoofdstukstart: Zorg dat titelpagina’s en beginpagina’s van nieuwe hoofdstukken op een rechter (oneven) pagina staan. • Volgorde van voorwerk: Houd rekening met de juiste volgorde van het voorwerk (zie pagina 22). • Bestandsformaat: Lever je bestand in A4-formaat aan? Wij verkleinen het dan naar 81% van het oorspronkelijke formaat, wat resulteert in een eindformaat van 17 x 24 cm. De aanbevolen minimale lettergrootte is 12 punten, wat na verkleining neerkomt op 10 punten. • Afloop (bleed): Als je afbeeldingen hebt die tot de paginarand moeten doorlopen, zorg dan voor afloop (zie pagina 14). • Afbeeldingen en tabellen: Plaats afbeeldingen, tabellen, enz. zoveel mogelijk binnen de breedte van het tekstblok. • Liggende pagina’s: Deze worden 90 graden tegen de klok in geroteerd. Houd er rekening mee dat de zijmarges hierdoor de boven- en ondermarges worden en andersom. • Afbeeldingskwaliteit: Controleer of ingevoegde afbeeldingen een hoge resolutie hebben (zie pagina 12).

RkJQdWJsaXNoZXIy MTk4NDMw